Om leeuwen individueel uit elkaar te houden, kijken onderzoekers en safarigidsen naar unieke fysieke kenmerken . De belangrijkste 'vingerafdruk' is het snorharenpatroon . Daarnaast kun je letten op littekens, oorranden , de neuskleur en bij mannetjes de manen . Snorharen (de 'vingerafdruk') Net als bij mensen de vingerafdruk, zijn de donkere vlekjes waar de snorharen uitkomen bij elke leeuw uniek. Vooral de bovenste twee rijen snorharen aan weerszijden van de snuit worden gebruikt. Deze patronen veranderen niet naarmate de leeuw ouder wordt. LA2 / RB7: In het veld noteren onderzoekers dit als een matrix (bijv. Left Side A, 2 spots). 2. Oorkeuringen en littekens Leeuwen vechten regelmatig met elkaar of met prooidieren, wat zorgt voor permanente identificatiepunten: Scheuren en kerven in de oren: De locatie en vorm van scheurtjes of ontbrekende stukjes in de oren zijn zeer specifiek Littekens: Krassen op het gezicht of lichaam vervagen na verloop van tijd, maar d...